Meer onderzoek nodig beëindiging treinkaping De Punt.

DELEN

Assen – De rechtbank in Den Haag heeft gisteren uitspraak gedaan in de civiele zaken van de moeder en broers van twee kapers van de treinkaping bij De Punt in 1977.

Onrechtmatig handelen
De rechter besloot dat er een vervolgonderzoek nodig is om er exact achter te komen wat er precies is gebeurd. In 2013 publiceerde onderzoeksjournalist Jan Beckers zijn onderzoeksrapport “Air Mata Kebenaran”, waarin hij, door middel van o.a. officiële autopsierapporten, aantoonde dat de treinkapers door onrechtmatig handelen van de betrokken mariniers, om het leven waren gebracht. Die documenten waren daarvoor nog niet openbaar en/of vrijgegeven. De nabestaanden van de omgekomen treinkapers klaagden vervolgens de Nederlandse Staat aan. Zij verwijten de Staat dat de treinkapers moedwillig zijn gedood, terwijl zij hadden moeten en kunnen worden aangehouden.

Executie
De documenten toonden kogelresten en schots banen aan, waarin duidelijk werd dat de kapers zwaargewond en ongewapend waren, toen ze in de trein werden aangetroffen. De nabestaanden spreken van een executie en dat dit zelfs als bevel is overgekomen vanuit de regering. De Staat betwist dit, want volgens hen is er geen sprake van onrechtmatig handelen, maar werd er juist zorgvuldig gehandeld.

Geen officiële verklaring
Of er sprake is van onrechtmatig handelen en/of er een bevel tot executie was uitgevaardigd, dat kon de rechtbank niet beslissen. De rechtbank gaf wel aan dat het wreekt dat de Staat de mariniers nooit een officiële verklaring had laten afleggen. Dat had wel gemoeten. De rechtbank wil exact weten wat de precieze toedracht was van de dood van respectievelijk Hansina Uktolseja en Max Papilaja, om zo vast te stellen of er sprake was van een executie of van een zogeheten “honest belief” van de mariniers.

Honest belief
Het Europese Hof voor de rechten van de mens heeft bepaald dat ook dodelijk geweld gerechtvaardigd wordt geacht als het gebruik van geweld is ingegeven door een oprechte overtuiging, een “honest belief” van degenen die het geweld gebruikt hebben, zelfs als die overtuiging achteraf onjuist blijkt. Die overtuiging moet wel zijn gebaseerd op goede gronden op het moment van de geweldstoepassing.

Getuigen horen
De rechtbank wil voor het vervolgonderzoek een aantal mariniers als getuigen horen. Een aantal punten zijn daarbij van cruciaal belang, zoals hoe de leefomstandigheden in de trein waren, wat de mariniers wel en niet konden waarnemen en hoe zij zelf de situatie hadden ingeschat. Om te bepalen of er sprake is van een executie, dienen zij ook onder ede te verklaren, wat voor instructies zij van hogerhand hebben gekregen. Verder dient De Staat documenten te verstrekken c.q. vrij te geven, wat een completer beeld geeft over wat er destijds heeft afgespeeld.

Tenslotte beslist de rechtbank dat de Staat zich niet met succes op verjaring kan beroepen, omdat de Staat er zelf aan heeft bijgedragen dat eisers binnen de verjaringstermijn geen enkele aanwijzing hadden dat de Staat mogelijk aansprakelijk gehouden zou kunnen worden voor de dood van de twee kapers. De nabestaanden konden daarom niet eerder een rechtszaak aanspannen.

Tekst: Emerson Terinathe
Foto: Aangeleverd